Daar Byron Bay het oostelijkste punt is van Australïe is Wilsons Promontary het zuidelijkste. Als je Tasmanïe even niet meerekent natuurlijk.
Het is een groot nationaal park dat op een goeie twee uur rijden van Emerald ligt. We hebben nog altijd geen koala's gezien en Gerda verteld ons dat ze er hier al veel gezien heeft. Je moet ze maar zien te vinden, hoog in de bomen. Onderweg neem ik het stuur over van Gerda en geniet ik van de rit. Spijtig genoeg kon Bob niet mee vandaag, hij had verplichtingen op het werk.
Victoria heeft toch een iets ander landschap dan de andere staten. Hier zijn de heuvels wat boller en zie je hier en daar ook andere vegetatie. Maar nog steeds dezelfde, leuke, bochtige baantjes.
Eens aangekomen eten we iets, trekken we onze wandelschoenen aan en gaan we het park in.
We maken eerst een paar wandelingen langs het water. We zitten net terug in het noorden van Queensland, verlaten stranden, idyllisch... Bob had ons gezegd dat je hier goed kon zwemmen. Het weer was wel ok, maar er stond een felle wind, we hebben ons er niet op gewaagd.
We lopen langs Tidal River. Zoals de naam al zegt is deze rivier sterk afhankelijk van de getijden. De kleur van het water is niet echt uitnodigend, het ziet er als English Breakfast Tea uit dat je goed lang laat trekken maar uiteindelijk is er niets mis aan het water, de kleur komt door de bomen in de buurt. Ra-ra-ra: de Tea Trees.
Overal in het park vindt je grote kleurrijke rotsen, hoe ze daar gekomen zijn is een raadsel. Soms staan ze zo mooi op elkaar gestapeld dat je denkt dat Lemuel Gulliver er petanque mee gespeeld heeft.
We zetten onze tocht verder en gaan richting Squeeky Beach, een strand dat zijn naam niet gestolen heeft. De zandkorrels zijn hier allemaal van dezelfde afmetingen dat wanneer je erop loopt het 'piept'.
Dit national park heeft het ook zwaar te verduren gehad tijdens de bushfires van 2009. Ongeveer 50% (25.000 ha) van het park is in vlammen opgegaan. Het vuur was zo hevig dat sommige stukken zich nog niet hebben kunnen herstellen, iets wat normaal wel zou moeten gebeurd zijn. Bushfires zijn in Australïe normale kost. Vuur wordt niet als een probleem gezien, maar als instrument. De Aboriginals gebruiken het om te jagen op dieren en in de national parks laten ze stukken bush preventief afbranden, om grote bushfires te voorkomen. Sommige zaadjes van bepaalde vegetatie hebben het vuur nodig om zich verder voort te planten. Ook de fauna heeft zich niet hersteld, normaal zie je hier veel kangoeroes en koalas, we zouden er uiteindelijk geen enkele zien.
Wanneer we de bossen intrekken zien we veel sporen van vuur, de bomen die er nog staan zijn zwart. Het geeft een kil gevoel, alsof je door een kerkhof van bomen loopt. Bushfires die in eucalyptusrijke bossen woeden zijn extreem gevaarlijk. Het sap van de bomen is een tijdbom. Ze blijven lang branden en wanneer het rode sap zo hevig verhit wordt zal de boom uiteindelijk ontploffen, en dat geeft een kettingreactie. We zien er verschillende, je kan er zelfs in gaan staan als je wil.
We zien een bord op ons pad, waarop een foto staat net na de bushfires. Je ziet duidelijk dat de natuur zich nog niet hersteld heeft. Ik heb de foto's samen geplaatst om het duidelijk te maken.
Met de kilometers in onze benen, en nog een goeie terugrit voor de boeg besloten we het voor bekeken te houden. Eens thuis in Emerald was Bob ook onder de indruk van wat we gezien hebben van de bushfires, hij is er sindsdien zelf nog niet geweest. Na het eten hebben we nog een rustige avond. We praten gezellig en Gerda en Bob laten ons een boek zien dat ten voordele van de door de bushfires getroffen gezinnen werd uitgebracht. Je ziet foto's van voor en na. Onvoorstelbaar. Verhalen van mensen die nog getracht hebben hun huizen te redden maar waar enkel nog een schoorsteen van overblijft. Het boek werd een bestseller, we merken nu hoe sociaal Australïe is na grote rampen. Iets wat na de overstromingen en orkaan van januari in Noord-Queensland ook wel zal zijn.
Morgen brengt Gerda ons op weg naar haar werk langs het autoverhuurbedrijf. We huren drie dagen een auto om de Great Ocean Road en de Grampians te bezoeken.
Jap out.